Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
De Mont Blanc is geen wandeling maar een tweedaagse klim
Met 4.808 meter is dit de hoogste berg van de Alpen. Vanaf de Italiaanse kant loopt de route over de Trois Monts en vanaf de Franse kant die over de Goûter; beide vragen stijgijzers, touw, ervaring op gletsjers en een overnachting in een hut die maanden vooruit moet worden geboekt.
Een gids kost 1.000 tot 1.500 euro voor twee dagen, meestal voor één of twee klanten tegelijk. Over waar de grens precies over de top loopt, zijn Italië en Frankrijk het al ruim een eeuw oneens. Dit artikel behandelt de bergen, de kastelen en de keuken van deze regio, met prijzen, hoogtes en seizoenen. Italië betaalt met de euro.
De Skyway brengt je in twee etappes naar 3.466 meter
Foto: Federico Galassi / Pexels
Vanaf Courmayeur op 1.300 meter gaat deze kabelbaan eerst naar het Pavillon du Mont Fréty op 2.173 meter en daarna naar de Punta Helbronner op 3.466 meter, in cabines die tijdens de rit om hun as draaien zodat je rondom kijkt. Boven sta je op het terras tussen de gletsjers, met de Mont Blanc, de Grandes Jorasses en het Matterhorn in zicht.
Een retour kost rond de 57 euro en de eerste cabine vertrekt om 8.30 uur; reserveer in het hoogseizoen vooruit. Bij het middenstation ligt een alpiene botanische tuin, open van juni tot september. Boven is het ook in augustus rond het vriespunt en is er minder zuurstof, dus neem een jas mee en ga rustig aan.
Bij Breuil-Cervinia skiet je tot in Zwitserland
Foto: Marek Piwnicki / Pexels
Het dorp ligt op 2.050 meter onder het Matterhorn, dat hier Cervino heet en 4.478 meter haalt. Het skigebied loopt tot het Plateau Rosa op ongeveer 3.480 meter en gaat daar over de Theodulpas het Zwitserse Zermatt in; met één pas sta je dus in twee landen, al betaal je voor de Zwitserse kant bij.
Een dagpas kost 55 tot 70 euro en een pas met Zermatt erbij aanzienlijk meer. Doordat het hier zo hoog ligt, ligt er sneeuw van eind november tot begin mei en kun je in juli en augustus op de gletsjer skiën. Let op: bij slecht zicht gaan de hoge liften dicht en blijft alleen het lagere deel over, en dan is het er druk.
In het Gran Paradiso lopen enkele duizenden steenbokken
Foto: Matteo Mazza / Pexels
Dit werd in 1922 het eerste nationale park van Italië, opgericht om de steenbok te redden die toen met een paar honderd over was. Het park beslaat volgens de parkorganisatie ruim 70.000 hectare over dit dal en Piëmont, met de Gran Paradiso zelf op 4.061 meter als enige vierduizender die volledig op Italiaans gebied ligt.
Toegang is gratis en parkeren bij de daluitgangen kost enkele euro's. Vanuit Cogne en Valnontey lopen routes van 6 tot 16 kilometer met 500 tot 1.200 hoogtemeters. In Valnontey ligt de alpentuin Paradisia met een paar duizend bergplanten, voor rond de 4 euro, open van juni tot september. Ga vroeg, want de dieren staan in de ochtend laag en trekken daarna omhoog.
De wijngaarden hier liggen tot boven de duizend meter
Bij Morgex en La Salle groeit de prié blanc op terrassen tot ongeveer 1.200 meter, wat het tot een van de hoogste wijngebieden van Europa maakt; de stokken staan er nog op hun eigen wortel, omdat de druifluis op die hoogte nooit is doorgedrongen. Lager in het dal staan de torrette, de fumin en de petit rouge.
Een proeverij bij een wijnhuis kost 15 tot 30 euro per persoon en gaat op afspraak; het hele gebied telt maar ongeveer 500 hectare wijngaard, dus de bedrijven zijn klein. Een fles kost 15 tot 40 euro. Veel percelen liggen op terrassen die alleen met de hand te bewerken zijn, en dat is aan de prijs te merken.
Aosta heet in de Romeinse tijd Augusta Praetoria
De stad werd in 25 voor Christus gesticht als legerplaats en heeft nog het rechthoekige stratenplan van toen. De Arco di Augusto staat aan de oostkant, de Porta Praetoria is een dubbele stadspoort met drie doorgangen, en van het theater staat een gevel van ruim 20 meter hoog overeind.
De Romeinse resten zijn grotendeels gratis; het archeologisch museum en de cryptoporticus kosten enkele euro's. De Collegiata di Sant'Orso heeft een kloostergang uit 1133 waarvan de kapitelen met bijbelse taferelen zijn versierd, voor rond de 4 euro. Reken op een halve dag voor de stad, die op 583 meter ligt en daardoor ook in de zomer aangenaam blijft.
Het Forte di Bard hield in 1800 een heel leger op
Deze vesting boven het smalste punt van het dal hield in mei 1800 het leger van Napoleon twee weken tegen, waarna hij het liet slopen; tussen 1830 en 1838 werd het door de Savoyers herbouwd in de vorm die er nu staat. Sinds 2006 zit er het Museo delle Alpi in, over de bergen en de mensen die er wonen.
Je komt er met glazen liften die langs de rots omhoog gaan. Een kaartje voor het museum kost rond de 12 euro en een combinatiekaart met de tentoonstellingen rond de 20 euro; van dinsdag tot zondag open. Reken op drie uur. Het dorp onder de vesting bestaat uit één straat met middeleeuwse huizen en is gratis.
In Pré-Saint-Didier liggen thermen met zicht op de Mont Blanc
Het warme water komt hier al eeuwen uit de rots en wordt sinds de achttiende eeuw gebruikt; het badhuis heeft tientallen bassins, sauna's en stoombaden, waaronder buitenbaden waar je in het water naar de gletsjer kijkt.
Een dagkaart kost 45 tot 60 euro en boeken is verplicht in het weekeinde; er geldt een ondergrens van veertien of zestien jaar, afhankelijk van het deel. Reken op een halve dag. Het dorp ligt op 5 kilometer van Courmayeur, dus je combineert dit goed met een ochtend op de Skyway. Vlakbij ligt de Orrido, een kloof met een loopbrug erover.
De keuken hier draait om kaas, roggebrood en spek
De fontina wordt van de melk van één koeienras gemaakt, rijpt minstens tachtig dagen in grotten en gaat in de seupa à la valpelleunèntse, een ovenschotel van oud brood, kool en bouillon. Verder staan er de carbonada, rundvlees in rode wijn, de lard d'Arnad, spek dat in houten bakken met kruiden rijpt, en de ham van Bosses.
Een maaltijd in een berghut kost 20 tot 30 euro en in een dorpsrestaurant 30 tot 50 euro. Een kilo fontina kost 15 tot 25 euro. Na het eten komt de coppa dell'amicizia op tafel, een houten kom met meerdere tuiten waaruit iedereen om de beurt koffie met grappa en genepi drinkt, en die hoort niet te worden neergezet voor hij leeg is.
Praktisch
Deze regio is met ongeveer 3.260 vierkante kilometer de kleinste van Italië en telt zo'n 123.000 inwoners; naast het Italiaans is het Frans officieel en in Gressoney wordt Walserduits gesproken. Er is geen luchthaven van betekenis: je vliegt op Turijn of Milaan en rijdt daarna anderhalf tot tweeënhalf uur.
Door het dal loopt een snelweg met tol; de tunnels naar Frankrijk en Zwitserland kosten apart en de Mont Blanc-tunnel rond de 50 euro enkele reis. Juni tot september geeft in het dal 20 tot 28 graden en op 2.500 meter 5 tot 12 graden. Van december tot april is dit skigebied. Let op: in november en in mei zijn de liften, veel hotels en de meeste berghutten dicht, en dan is er weinig te doen.