Je gaat nu naar onze boekingsengine met onze woningen of woningen van derden. Daar zie je vóór betaling de totaalprijs en de voorwaarden.
De Adige maakt een lus om de oude stad, en dat is je route
Foto: sabrina martins / Pexels
De Adige buigt in een scherpe bocht om het historische centrum van Verona, waardoor je vrijwel altijd binnen tien minuten bij het water staat. Die lus, met vier bruggen, vormt het natuurlijke rondje door de stad.
Dit artikel behandelt de wandel- en fietsroutes, met afstanden, tijden, prijzen in euro's en de regels waar je met een auto of fiets tegenaan loopt.
Het rondje langs de pleinen duurt twee uur
Vanaf de Arena aan de Piazza Bra loop je over de Via Mazzini naar de Piazza delle Erbe, die op het Romeinse forum is gebouwd, en daarachter liggen de Piazza dei Signori met de Torre dei Lamberti en de Arche Scaligere, de grafmonumenten van de heersende familie uit de veertiende eeuw. Bij elkaar is dat ongeveer anderhalve kilometer.
De Arena dateert uit de eerste eeuw en is volgens de stad het derde grootste amfitheater dat uit de Romeinse tijd bewaard is gebleven; er passen tegenwoordig ongeveer 15.000 mensen in. Entree kost rond de 12 euro en het is doorgaans van negen tot zeven open, met kortere tijden op voorstellingsdagen.
De oudste brug is na de oorlog uit de rivier gevist
De Ponte Pietra aan de noordkant gaat terug op een Romeinse oeververbinding uit de eerste eeuw voor Christus. In 1945 werd hij opgeblazen, waarna de originele blokken uit het water zijn gehaald en de brug daarmee opnieuw is opgebouwd.
Dezelfde geschiedenis geldt voor de Ponte Scaligero bij het Castelvecchio uit 1354. Beide zijn vrij toegankelijk en te voet of per fiets over te steken. Ze vormen samen de logische verbinding tussen het centrum en de rustigere overkant, waar aanzienlijk minder bezoekers komen.
Het beste uitzicht ligt aan de overkant van het water
Op de heuvel boven de noordoever staat Castel San Pietro met een terras dat over de hele stad kijkt. Je komt er via een trap van een paar honderd treden, of met de funicolare die sinds 2017 rijdt en enkele euro's kost.
Onderaan diezelfde helling ligt het Teatro Romano met het Museo Archeologico in het klooster erboven. Reken op anderhalf uur voor beide. Ga aan het eind van de middag: dan valt het licht op de gevels aan de overkant en is het op het terras nog rustig.
Fietsen mag in het centrum, autorijden meestal niet
Foto: Engjell Gjepali / Unsplash
De hele historische kern is een zone met beperkt verkeer, gecontroleerd door camera's. Rijd je er zonder ontheffing in, dan krijg je een boete die maanden later via het verhuurbedrijf thuis aankomt, met administratiekosten erbovenop.
Fietsen mag wel, ook door de voetgangersstraten, al is het er op drukke uren schuifelen. Er is een deelfietssysteem en gewone verhuur vanaf ongeveer 15 euro per dag. Let op de kasseien: met smalle banden of hoge hakken is het centrum ongemakkelijk, en dat geldt ook voor kinderwagens.
Langs de rivier ligt een doorgaand fietspad
Vanaf de stad loopt de Ciclopista dell'Adige stroomopwaarts, over een vlak, grotendeels verhard pad dat via Rovereto tot in Trentino doorloopt. De eerste tientallen kilometers zijn de aardigste: rustig, groen en zonder verkeer.
In de andere richting ben je in ongeveer 30 kilometer bij Peschiera del Garda aan de zuidoever van het Gardameer, over een route door de vlakte; de wijnheuvels van de Valpolicella en Soave liggen elk een klein uur fietsen de andere kant op. Beide zijn met elke fiets te doen. Wie een dagtocht wil: rijd heen en neem de trein terug, want fietsen mogen tegen een kleine toeslag mee.
Het balkon is een toevoeging uit de twintigste eeuw
De binnenplaats van de Casa di Giulietta aan de Via Cappello trekt duizenden bezoekers per dag. Het balkon dat je daar ziet is er in de vorige eeuw aan gebouwd; de koppeling van dit pand aan het toneelstuk is een latere constructie.
Dat maakt het niet minder druk. Wie er toch langs wil, gaat voor negen uur 's ochtends, wanneer de poort net open is. De rest van de dag staat er een rij tot in de straat. Voor wie de stad in alle rust wil zien, is dit precies de plek om over te slaan.
De rustige kant ligt ten noorden van de rivier
Veronetta, de wijk aan de overkant van de Ponte Pietra, heeft smalle straten, buurtcafés en kerken waar je alleen bent; de Giardino Giusti uit de zestiende eeuw ligt er met zijn cipressenlaan en kost rond de 10 euro. Van daaruit lopen trappen en paden de heuvel op, naar uitkijkpunten waar geen bus komt.
Reken op een tocht van drie tot vijf kilometer met een klim van honderd meter, goed voor anderhalf tot twee uur. Neem water mee, want er is boven weinig. Voor een ochtend zonder rijen en zonder toeristenwinkels is dit de aantrekkelijkste helft van de stad.
Praktisch
Foto: Maria Orlova / Pexels
Verona ligt met station Porta Nuova aan de spoorlijn tussen Milaan en Venetië, met treinen die er ongeveer anderhalf uur over doen vanaf beide; luchthaven Valerio Catullo bij Villafranca heeft een busverbinding naar het centrum in een kwartier. Italië betaalt met de euro.
De VeronaCard combineert toegang tot de belangrijkste bezienswaardigheden, waaronder de Basilica di San Zeno en de Duomo, met het stadsvervoer, voor ongeveer 27 euro voor 24 uur; vanaf drie bezoeken verdient die zich terug. April, mei, september en oktober zijn de aangenaamste maanden, met 18 tot 25 graden. In juli en augustus loopt het op naar boven de 33 graden en is er in de straten weinig schaduw; plan je wandeling dan voor tien uur of na zes uur.